4 op de 5 transgenders slachtoffer van geweld, çavaria eist harde maartregelen

4 op de 5 transgenders is slachtoffer van transfoob geweld, blijkt uit Vlaams onderzoek. Çavaria wil snel actie.

Persbericht van Steunpunt Gelijkekansenbeleid: 4 op de 5 transgenders is slachtoffer van transfoob geweld
Steunpunt Gelijkekansenbeleid vraagt aandacht voor de lage aangiftebereidheid bij politie en discriminatieorganen

Heel wat transgenders (mensen die zich niet, of niet helemaal één voelen met de sekse waarin ze geboren worden) krijgen met geweld te maken. Op de wereldwijde ‘Transgender Day of Remembrance’, die jaarlijks op 20 november plaatsvindt, maakt het Steunpunt Gelijkekansenbeleid de eerste resultaten bekend van het onderzoek naar geweldervaringen van transgenders in België. Daaruit blijkt dat 4 op de 5 transgenders al het slachtoffer van geweld werd omwille van hun transgender identiteit of achtergrond.

Dit onderzoek van het Steunpunt Gelijkekansenbeleid past in een reeks onderzoeken die minister van Gelijke Kansen, Pascal Smet, heeft gevraagd naar aanleiding van de vele voorvallen van homofoob en transfoob geweld. Ook transgenders zijn immers sinds het begin van zijn legislatuur een expliciete aandachtsgroep voor het gelijkekansenbeleid. Het onderzoek dat in de lente en zomer van 2012 is afgenomen bij 260 respondenten uit België, toont aan dat 1 op de 3 minstens één keer een vorm van seksueel geweld meemaakte, een kwart onder hen kreeg met fysiek geweld te maken, 4 op de 5 met verbaal of psychisch geweld, en bijna 2 op de 10 met materieel geweld. Onderzoeker Joz Motmans: “Een andere opvallende vaststelling is dat de daders vaak bekenden zijn uit de naaste omgeving, meestal mannen, en dat driekwart van de daders ouder dan 20 jaar zijn. Het lijkt dus lang niet altijd te gaan om de stereotype jonge ‘hanggastjes’ die de transgenders niet kennen.”

Bij gevallen van fysiek geweld doet een kwart van de respondenten aangifte bij de politie. Seksueel geweld wordt slechts in 7% van de gevallen aangegeven. Deze lage aangiftebereidheid wordt onder andere verklaard uit gevoelens van schaamte, de angst dat politie de zaak niet au sérieux zou nemen, of omdat men ervan uitgaat dat de daders toch niet gestraft zullen worden. Bovendien wenden zeer weinig respondenten zich tot andere instanties, zoals het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding, de 13 lokale meldpunten discriminatie of het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen. Minister Smet zal daarom vragen dat met deze gegevens wordt rekening gehouden bij de opmaak van het “nationaal actieplan tegen homofoob en transfoob geweld”.

Transfoob geweld moet op verschillende fronten aangepakt worden. Enerzijds voorziet minister van Gelijke Kansen, Pascal Smet, deze legislatuur een wijziging van het Vlaamse antidiscriminatiedecreet en worden “genderidentiteit” en “genderexpressie” als specifieke discriminatiegronden opgenomen. Zo krijgen transgenders een beschermend kader dat een duidelijk signaal geeft dat transfobie niet kan, én de aangiftebereidheid hopelijk verhoogt. Anderzijds wordt ingezet op andere domeinen zoals onderwijs en werk om preventief aan sensibilisering te werken. Zo kunnen mensen die een naamsverandering ondergingen sinds 1 september 2012 bij hun onderwijsinstellingen een nieuw diploma of scholingsbewijs krijgen met hun nieuwe naam. Daarnaast werkt minister Smet samen met zijn collega Muyters aan een publicatie voor werkgevers, om hen te ondersteunen in het correct omgaan transgenders op de werkvloer.

Persbericht: Çavaria gechoqueerd door geweld tegen transgenders
De harde cijfers vereisen een stevige aanpak

Op de vooravond van de Internationale Transgender Day of Remembrance, een herdenkingsdag voor transgender slachtoffers, verdeelde het Steunpunt Gelijkekansenbeleid cijfers omtrent geweld tegen transgenders. Deze mensen, die zich niet thuis voelen in hun geboortegeslacht, blijken bijzonder zwaar te lijden onder verregaande negatieve reacties.

Hoewel de cijfers schokkend hoog zijn – 8 op de 10 heeft last van verbaal en psychisch geweld, 1 op de 3 last van seksueel geweld en 1 op de 4 last van fysiek geweld – verrassen de cijfers Fran Bambust, woordvoerster van holebi- en transgenderkoepel çavaria en zelf ook transvrouw, niet. “Je hoort de verhalen regelmatig”, zegt ze, “Transgenders worden regelmatig uitgescholden, uitgelachen of beledigd. Op straat, op café, op restaurant, maar ook thuis, in de vriendenkring, op het werk, op school en uiteraard ook via het anonieme internet. En het komt inderdaad af en toe voor dat je in je kruis of aan je borsten betast wordt. ‘Zijn dat wel echte?’, is dan de vraag. Reageer je negatief op die beschimpingen of betastingen, dan loop je risico op verdere fysieke problemen.”

Transen melden zelden
Het gros van de ondervraagden liet weten dat ze deze gevallen van intimidatie en geweld niet melden uit schaamtegevoelens, of omdat ze ervan uit gaan dat melden toch niet helpt. Ze ‘vinden het niet erg genoeg’ staat verder in de studie te lezen. Fran vindt vooral dit een alarmerend zinnetje: “Er is vast meer onderzoek nodig, maar mij doet dit vermoeden dat we het zo vaak meemaken dat we het gewoon zijn gaan vinden. Ik herken dit alvast bij mezelf, en dat is geen prettige vaststelling.”
Çavaria dringt dan ook aan op meer meldingen. “Geweld – fysiek, psychisch, verbaal, materieel of seksueel – mag en kan geen vast deel uitmaken van iemands leven “, accentueert Yves Aerts, coördinator van çavaria. “Niemand mag dit accepteren.”

Aandacht en aanpak
Momenteel is er echter geen kader waarbinnen deze klachten behandeld kunnen worden. Enkel geopereerde transseksuelen kunnen een beroep doen op de Genderwet, maar alle overige transgenders, die het overgrote deel van deze transgendergroep uitmaken, kunnen niet naar een wettekst verwijzen.
“Daarom vragen wij ook een uitbreiding van die Genderwet, zodat ook genderidenteit en genderexpressie als discriminatiegronden er worden in opgenomen”, zegt Yves. “Als we willen dat de maatschappij transgenders aanvaardt, dan moet de regering het goede voorbeeld geven, en transgenders ook in hun volle breedte erkennen.”
Dat minister Pascal Smet hiervoor al een aanpassing van het Vlaamse antidiscriminatiedecreet voorziet, vinden ze bij çavaria een schitterende zaak. “Hopelijk pikt de federale regering deze voorzet op”, zegt Fran, “en gaat ook zij haar bezorgdheid om de transgenders verwerken in wetteksten en in het beloofde Nationale Actieplan tegen holebi- en transfoob geweld. Er moet dringend wat gebeuren!”

Dit bericht werd geplaatst in Holebi, Politiek en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s